Nieuw college? Juist nu begint het werk
Donderdagochtend 18 juni vond de eerste Ochtendetappe van het Beweegpeloton plaats: een ontbijtsessie waarin lokale kartrekkers kennis delen over bewegen in beleid en praktijk. Het onderwerp kwam rechtstreeks uit de actualiteit: nieuwe colleges, nieuwe portefeuilles en nieuwe keuzes.
Want wat gebeurt er als een enthousiaste wethouder vertrekt? Of als bewegen niet vanzelfsprekend terugkomt in het collegeakkoord? Is het dan te laat? Of begint juist dan het werk?
Voor deze eerste editie droegen Almere en Hoorn allebei een oud-wethouder aan om mee te denken vanuit hun bestuurlijke ervaring: René Peeters, oud-wethouder in Almere, en Dick Bennis, sinds dinsdag oud-wethouder in Hoorn. Een vers oud-wethouder dus, die zijn lessen nog warm uit de praktijk kon delen.
Hun verhalen gingen niet over grote beleidsambities, maar over de dagelijkse praktijk van invloed krijgen, kansen zien en blijven bouwen.
Bewegen is logisch. Tot het concreet moet worden.
Dat bewegen belangrijk is voor gezondheid, ontmoeting en meedoen, daar is bijna iedereen het wel over eens. Maar daarmee is bewegen nog geen vanzelfsprekend onderdeel van beleid.
Dick Bennis benoemde precies waar het vaak schuurt. In visies klinkt bewegen logisch. In de uitvoering moet je het steeds opnieuw concreet maken. Niet als los onderwerp, maar als onderdeel van vraagstukken waar gemeenten toch al aan werken.
In Hoorn gebeurde dat bijvoorbeeld bij sportparken, open schoolpleinen, loop- en fietsroutes naar scholen, bankjes in de openbare ruimte en multifunctionele accommodaties. Ook bij thema’s als eerstelijnszorg en verduurzaming zocht de gemeente naar verbindingen: hoe kan bewegen bijdragen aan gezondheid, ontmoeting, bereikbaarheid, leefbaarheid of slim ruimtegebruik?
De les: bewegen wordt sterker als het niet alleen als doel op zich wordt benaderd, maar ook als middel om andere opgaven verder te brengen.
Het heipaal-effect
René Peeters gaf daar een mooi beeld bij: het heipaal-effect. Eén keer slaan doet weinig. Maar blijf je slaan, dan komt de paal uiteindelijk stevig in de grond.
Zo werkt het ook met bewegen in gemeentelijk beleid. Eén keer benoemen is zelden genoeg. Het vraagt herhaling, bestuurlijk vakmanschap en een lange adem.
Zijn praktische tip voor beleidsmakers was heel concreet: neem in collegevoorstellen standaard de vraag op wat de relatie is met bewegen. Net zoals vaak al wordt gekeken naar financiën, communicatie of participatie.
Dat lijkt klein, maar het verandert het gesprek. Bewegen wordt niet langer iets van één portefeuille, maar een vraag die bij meerdere beleidsterreinen op tafel komt. En belangrijk: ook als het collegeakkoord al klaar is, is het niet te laat. Juist daarna begint het werk van uitwerken, verbinden en telkens opnieuw laten zien waar bewegen waarde toevoegt.
Van overtuigen naar aansluiten
In het gesprek na de bijdragen kwam een herkenbaar inzicht naar voren. Mensen die werken aan bewegen zien vaak volop kansen. Maar voor collega’s in jeugd, zorg, welzijn, onderwijs of openbare ruimte kan het ook voelen als iets extra’s. Nog een programma erbij. Nog een opdracht naast alles wat al moet.
Daarom helpt het om niet te beginnen bij je eigen aanbod, maar bij de opgave van de ander. Waar lopen collega’s tegenaan? Wat speelt er in de wijk? Welke problemen vragen om een andere aanpak?
Pas dan kun je laten zien hoe bewegen kan bijdragen. Aan zelfvertrouwen bij jongeren. Aan ontmoeting tussen inwoners. Aan preventie. Aan een leefomgeving die uitnodigt om naar buiten te gaan. Dan wordt bewegen geen extraatje, maar een middel dat helpt bij wat toch al nodig is.
Wat beleidsmakers kunnen meenemen
De Ochtendetappe leverde een aantal lessen op die breder toepasbaar zijn:
- Maak bewegen niet afhankelijk van één wethouder. Zorg dat het breder landt in college, raad en organisatie.
- Blijf herhalen. Eén keer benoemen is niet genoeg. Denk aan het heipaal-effect.
- Koppel bewegen aan bestaande opgaven. Zoals zorg, jeugd, welzijn, onderwijs, leefomgeving, mobiliteit en verduurzaming.
- Begin bij de vraag van de ander en leer de wethouder persoonlijk kennen.
- Laat zien hoe bewegen helpt bij problemen die collega’s al proberen op te lossen.
- Maak bewegen zichtbaar in besluitvorming. Bijvoorbeeld door in collegevoorstellen standaard de relatie met bewegen op te nemen.
- Neem raad en organisatie mee. Niet alleen met cijfers, maar met concrete voorbeelden die laten zien wat bewegen oplevert.
- Blijf bouwen, ook na het collegeakkoord. Als bewegen er nog niet stevig in staat, is dat geen eindpunt, maar een startpunt.
Nieuwe colleges brengen verandering. Maar juist in die verandering liggen kansen. Niet door harder te roepen dat bewegen belangrijk is, maar door steeds beter te laten zien waar bewegen bijdraagt aan de keuzes waar gemeenten nu voor staan.
Ook een keer een Ochtendetappe bijwonen?
Stuur dan een mail naar Judith Claus. Dan kijken jullie samen wel thema bij jouw vraag of opgave past.
Voor jou geselecteerd:
Lees verder Monitoring en evaluatie: wat levert jouw werk eigenlijk op?
Lees verder Maak kennis met de kopman van het Beweegpeloton: Gerben van Duin