De Drentse aanpak tegen beweegarmoede: samen op reis naar een volle beweegbatterij
Er zijn veel mensen die graag meer zouden willen bewegen, maar voor wie dat niet vanzelf gaat. In Drenthe gaat het hierbij om zo’n 35% van de inwoners. Daarom zet Drenthe Beweegt zich dagelijks in om ervoor te zorgen dat iedereen die wíl bewegen, dat ook op een duurzame manier kán doen. Hoe? Door bewegen leuk en toegankelijk te maken - voor iedereen.
De provinciebrede aanpak van Drenthe Beweegt
Samen met zorg, welzijn en lokale netwerken, zoals gemeenten, buurtsportcoaches en andere partners in de wijk, biedt Drenthe Beweegt een breed scala aan laagdrempelige initiatieven. Niet bedacht vanuit een traditionele sport-mindset, maar vanuit het idee dat bewegen vooral sociaal, ontspannen en gezellig mag zijn. De basis ligt in vier programmalijnen:
- JongLeren, voor meer, veelzijdig en met plezier bewegen van jongs af aan;
- OnzeClub, gericht op sportclubs waar sportplezier en persoonlijke groei voorop staat;
- EenLevenLangBewegen, voor wie een extra zetje nodig heeft;
- en Beweegruimte, dat inzet op een beweegvriendelijke leefomgeving.
De 35%
“Er is een groep van ongeveer 35% van de mensen die zegt: ‘Ik zou best iets willen doen, maar het lukt me niet om het vol te houden,’” vertelt Hans Slender, programmaregisseur van Drenthe Beweegt. “Dat zijn mensen die vaak wél gemotiveerd zijn, maar drempels ervaren. Juist hen willen we bereiken en ondersteunen.”
Deze groep is heel divers: het gaat om ouderen, jongeren, mensen met een lagere sociaaleconomische positie, gezondheidsklachten of mentale belemmeringen. Voor hen voelt het reguliere sportaanbod vaak niet als een veilige of passende omgeving. “Te sportief is soms zelfs een barrière,” vult Hans Derks, voormalig programmamanager, aan. “Daarom draait het bij ons niet om ‘laten zien hoe goed je bent’, maar ‘hoe normaal je bent’.”
De Beweegreis
Om écht aan te sluiten bij deze groep ontwikkelde Drenthe Beweegt het concept van De Beweegreis: een persoonlijke route die mensen helpt van waar ze nu zijn, naar een vorm van bewegen die bij hen past. Die reis begint vaak niet bij een sportclub, maar op plekken waar niet-bewegers wel komen; zoals bij de huisarts, de praktijkondersteuner, het buurthuis of zelfs aan de keukentafel. “We ontdekten dat we deze mensen nauwelijks bereikten via sport,” vertelt Hans Slender. “Maar wél via de zorg en welzijn. Dus zijn we ons gaan richten op die plekken waar zij al zijn.”
Wil jij ook aan de slag met de Beweegreis? Dat kan! Dit succesvolle concept is inmiddels uitgegroeid tot training op de Hanze Hogeschool.
Drenthe Beweegt Samen
Eén van de mooiste voorbeelden van deze benadering is het tv-programma ‘Drenthe Beweegt Samen’, dat ontstond in coronatijd. “We vroegen ons af: hoe kunnen we mensen in beweging houden als ze niet naar buiten mogen?” vertelt Hans Derks. “Toen besloten we: we gaan een eigen variant op ‘Nederland in Beweging!’ maken, elke dag op RTV Drenthe.”
Wat uit nood ontstond, groeide uit tot iets bijzonders. “Na een maand viel de tv-toren uit en we werden overspoeld met telefoontjes van kijkers: ‘Waar is het programma gebleven?’”, lacht Derks. “Mensen voelen zich gezien. Het is herkenbaar, er wordt Drents gepraat, gezongen, er wordt gelachen. Het is voor de kijkers alsof de presentatrice naast hen op de bank zit en ze motiveert om er vanaf te komen.”
Het programma is inmiddels uitgegroeid tot een succesformule en wordt op diverse plekken in het land vakkundig ‘gekopieerd’. De kracht van dit initiatief? “Het is laagdrempelig, gezellig en vooral niet perfect. Daardoor denken mensen: ‘Hier kan ik aan meedoen’”, aldus Hans Derks.
De beweegbatterij: de motor achter duurzaam bewegen
Om ervoor te zorgen dat mensen niet alleen beginnen met bewegen, maar ook duurzaam in beweging blijven, gaat Drenthe Beweegt uit van de ‘beweegbatterij’ van de deelnemers. “Als je vaardig bent, steun krijgt van familie of vrienden, plezier ervaart en zelfvertrouwen hebt, zit je beweegbatterij vol,” legt Hans Slender uit. “Maar als die batterij leeg is, bijvoorbeeld door gezondheidsproblemen of onzekerheid, dan is meedoen aan sport ineens een enorme opgave.”
Daarom wordt het aanbod aangepast aan de behoeften van mensen met een minder volle beweegbatterij. “Geen grote sportzalen of flitsende instructeurs, maar vertrouwde plekken waar deze mensen zich veilig en welkom voelen. Plekken waar bewegen bijna vanzelf ontstaat, vanuit contact”, vult Hans Derks aan.
Wat je van Drenthe kunt leren
Hans en Hans hebben in het opstarten en doorontwikkelen van Drenthe Beweegt veel geleerd. Lessen die waardevol zijn voor anderen, die zich inzetten voor ‘de 35%’ in hun regio:
- “Je bereikt deze niet-bewegers niet via sport, maar via plekken waar zij wel komen”, tipt Hans Slender. Denk aan de huisarts, het buurthuis of zelfs de keukentafel. Door je als beweegprofessional te positioneren in zorg en welzijn, kom je echt in contact met de beoogde doelgroepen.
- “Laat niet zien hoe goed je bent, maar hoe normaal je bent”, zegt Hans Derks. Zo deed Hans regelmatig zelf mee met initiatieven. Daar ontdekte hij dat een laagdrempelige aanpak op een passende locatie vaak beter werkt dan een strak georganiseerde les.
- “Wat studenten op de sportopleiding leren, werkt vooral goed voor sporters, maar niet automatisch voor iedereen”, is het laatste advies van Hans Slender. Zijn geleerde les: als professional moet je je leren verplaatsen in de mensen die het plezier in sport en bewegen nog niet gevonden hebben, in mensen die je binnen de sportopleiding nooit tegenkomt.
Maar misschien is de belangrijkste les wel: alles begint bij samenwerking. “We zijn in Drenthe misschien wel wereldkampioen samenwerken,” zegt Hans Derks met een glimlach. “Gemeenten, provincie, zorg, welzijn, we doen het echt samen. En dat maakt het verschil.”
Voor jou geselecteerd:
Lees verder Monitoring en evaluatie: wat levert jouw werk eigenlijk op?
Lees verder Maak kennis met de kopman van het Beweegpeloton: Gerben van Duin