Het versnipperende beweegbeleid schreeuwt om een dirigent
Het rijksoverheidsbeleid rondom bewegen voelt als een orkest waarin alle instrumenten spelen, maar zonder dirigent. Elk instrument, van gezondheidsbevordering tot ruimtelijke planning, speelt een eigen melodie. Zonder samenhang is het een kakofonie, terwijl er in potentie een mooie symfonie kan klinken.
Dit gebrek aan leiding zag ik duidelijk terug bij het bestuderen van de begrotingen van relevante ministeries (bekijk de samenvatting). Ministeries zetten waardevolle stappen op het gebied van bewegen, maar zonder een centrale coördinatie versterken deze initiatieven elkaar nauwelijks. Met een integrale aanpak wordt beweegbeleid méér dan de som der delen. Een nationaal coördinator bewegen kan versnipperde initiatieven verbinden tot één krachtige beweging, waarin iedereen bijdraagt aan een gezonder en actiever Nederland.
Meer bewegen in de samenleving is essentieel om verontrustende signalen over fysieke en mentale gezondheid vroegtijdig te keren. Berichten als ‘in 2050 heeft 64 procent overgewicht’ geven aan dat de druk op de gezondheidszorg alleen maar zal toenemen. Maar niet alleen hiervoor kan bewegen een preventieve oplossing zijn. Ook op andere domeinen waar verschillende ministeries zich over buigen kan bewegen een katalysator zijn om andere doelen te bereiken. Denk bijvoorbeeld aan het stimuleren van meer bewegen in het onderwijs, dat prestaties bij andere vakken en de mentale gezondheid van leerlingen verbetert. Tot op een zekere hoogte hebben de ministeries dit goed in de gaten en handelen hiernaar. Zo geeft het ministerie van SZW in zijn begroting aan dat gezond en veilig werken, met het oog op preventie, een speerpunt is. Toch worden veel kansen gemist door het ontbreken van een gezamenlijke aanpak. Zo blijft het effect en de maatschappelijke meerwaarde van bewegen onderbenut.
Dit vraagt dus om een gecoördineerde aanpak. Interdepartementale samenwerking zorgt voor een doorsnijdende aanpak die uiteindelijk de doelen beter en efficiënter behalen. Want niet alleen het ministerie van SZW ziet de waarde van bewegen. Het ministerie van VWS benadrukt in zijn beleid de preventieve kracht van bewegen bij het terugdringen van zorgkosten, terwijl het ministerie van I&W bewegen kan bevorderen door bijvoorbeeld veilige fiets- en wandelroutes aan te leggen. Hier zou interdepartementale samenwerking erg van waarde kunnen zijn, maar die blijft grotendeel uit, waardoor het beleid vergelijkbaar is met een orkest zonder dirigent. Een nationaal coördinator bewegen zou de rol van de dirigent kunnen innemen door te zorgen voor samenhangend beleid. Als dirigent van het beleidsorkest zorgt hij of zij ervoor dat bewegen niet alleen een los beleidsdoel is, maar een integraal onderdeel wordt van alle departementale inspanningen. Dit leidt niet alleen tot efficiënter beleid, maar ook tot een gezondere, duurzamere samenleving.
Het is tijd dat de overheid haar inspanningen stroomlijnt. De gemeenteraadsverkiezingen van 2026 bieden een unieke kans voor gemeenten om de integrale aanpak écht in de praktijk te brengen en bewegen structureel te verankeren in lokaal beleid. Alleen met een gezamenlijke, gecoördineerde aanpak kan de kracht van bewegen ten volle worden benut en de gezondheidscrisis worden afgewend. De vraag is niet óf we meer moeten bewegen, maar hoe we ervoor zorgen dat we allemaal dezelfde beweging inzetten.

Over de auteur
Thibo Vissers is student ‘Sportbeleid en sportmanagement’ aan de Universiteit Utrecht. Sinds september 2024 ondersteunt hij de public affairs inspanningen van de Beweegalliantie. Wil je hier meer over weten?
Voor jou geselecteerd:
Lees verder "We kunnen de overstroming niet stoppen met een emmer”
Lees verder Verkiezingen en formatie: “Politiek zonder waarden is stuurloos”