Tel stappen én trappen
“Hoeveel stappen heb jij vandaag gezet?” Dat is een vraag die je tegenwoordig regelmatig hoort. Veel Nederlanders weten dat 10.000 stappen per dag goed is voor de gezondheid. Maar hoe zit dat met het aantal fietskilometers dat je moet maken voor een vergelijkbaar resultaat?
Foto: Maarten en Frank op de fiets.
“Het is heel vreemd dat nergens staat hoeveel kilometer fietsen gelijkstaat aan hoeveel stappen je zet. Al 20 jaar geleden liet TNO zien dat Nederlanders met fietsen net zoveel bewegen als met álle sport bij elkaar”, stelt Frank Backx, emeritus hoogleraar sportgeneeskunde UMC Utrecht en medisch directeur bij het Artrose Instituut Nederland. Samen met Maarten Koornneef, oud-sportarts en jarenlang beleidsmaker bij VWS, strijdt hij ervoor om fietsen letterlijk op de kaart te zetten.
Meer aandacht voor fietsen in onderzoek
De verklaring voor het feit dat lopen veel dominanter is in onderzoeken, is volgens Backx en Koornneef deels praktisch: stappentellers zijn goedkoop, gebruiksvriendelijk en overal ingeburgerd. Backx: “In de wetenschap werd bewegen lange tijd vrijwel uitsluitend gelijkgesteld aan wandelen/lopen. Dat is makkelijker te registreren. Tot 2018 verschenen er maar weinig publicaties over de gezondheidswaarde van fietsen.” Koornneef vult aan: “In de WHO-richtlijnen voor lichaamsbeweging wordt fietsen wel vermeld, maar in de infographic ontbreekt de fiets. In een recent artikel in The Lancet, het gezaghebbende medische tijdschrift, wordt vooral ingegaan op de dagelijkse stappen, maar wordt fietsen nauwelijks genoemd. Door de grote aandacht voor dagelijkse stappen, blijven voor Nederland cruciale data over lichaamsbeweging door middel van fietsen buiten beeld. Dat is een mondiale blinde vlek die ook ons beleid raakt.”
Brede fietsimpuls nodig voor doelstelling 2040
“Omdat fietsen nauwelijks voorkomt in de medisch-wetenschappelijke literatuur en in de RIVM- en CBS-leefstijlrapportages versnipperd wordt weergegeven (als sport, als dagelijks vervoersmiddel), blijft de bijdrage van fietsen aan onze totale lichaamsbeweging onderbelicht”, leggen Backx en Koornneef uit. “Dat is problematisch met het oog op de doelstelling voor 2040: ‘75% van de volwassenen moet voldoen aan de beweegrichtlijn’ (nu 43%!). We weten dat 40% van de Nederlanders nooit of vrijwel nooit fietst. Als mensen die nu niet of weinig fietsen verleid kunnen worden om enkele malen per week de fiets te pakken, zou dat de doelstelling een stuk dichterbij brengen.”
Koornneef: "Zonder een langjarige stimulering van fietsen en lopen halen we de doelstelling voor 2040 niet. We moeten mensen die nu de auto of scooter nemen, verleiden om de fiets te pakken. Dat kan met de infrastructuur die er ligt. Maar dan helpt het niet als iedereen overstapt op een e-bike."
Belonen loont, maar dan wel eerlijk
Het Expertpanel Fietsen & Gezondheid, waarvan Koornneef voorzitter en Backx vicevoorzitter is, pleit voor opname van fietsen in beloningsprogramma’s. Koornneef: “Bij het gezondheidsprogramma ASR Vitality (een beloningsprogramma van verzekeraar a.s.r. dat gezonde keuzes stimuleert met punten en kortingen) hebben we bijvoorbeeld geadviseerd om niet alleen op stappen, maar ook op dagelijks gefietste afstand te belonen.”
Dat is overigens geen eenvoudige rekensom. Een e-bike vraagt minder fysieke inspanning dan een gewone fiets, maar betrouwbare onderzoeksgegevens over de daadwerkelijke inspanning op verschillende typen e-bikes ontbreken. Daarom stelde het Expertpanel voor om e-bike-kilometers maar voor 50% mee te laten tellen. Koornneef: “Dat is niet perfect, maar wel eerlijk. Bovendien adviseren we de drempel lager te leggen voor ouderen en beginnende fietsers, bijvoorbeeld het equivalent van 5.000 stappen. Zo houd je het haalbaar en stimulerend.”
Fietsen als medicijn
Voor sommige groepen is fietsen niet alleen gezond, maar zelfs dé manier om in beweging te blijven. Backx: “Veel artrosepatiënten kunnen niet goed meer wandelen. Voor hen is fietsen een uitkomst: laagdrempelig, minder belastend voor gewrichten en toch effectief. En bij gebrek aan coördinatie en balans zie je tegenwoordig steeds vaker een driewieler.”

Fysiologisch gezien kost fietsen vaak méér energie per tijdseenheid dan lopen. Daarbij komt dat fietsen bijdraagt aan spierkracht in de benen. “Het helpt wel iets minder dan lopen om de botten sterk te houden, aangezien de schokbelasting ontbreekt”, nuanceert Koornneef. “Maar in combinatie met lopen en enkele malen per week oefeningen voor romp en armen heb je een heel mooi beweegpakket.”
Fietsen is niet alleen goed voor het lichaam, maar ook voor de geest. Koornneef: "Nationaal en internationaal wetenschappelijk onderzoek laat zien dat mensen die naar hun werk fietsen zich beter voelen en minder vaak verzuimen."
Veiligheid als randvoorwaarde
De sportartsen benadrukken dat veiligheid een cruciale randvoorwaarde is. Er is namelijk een zorgwekkende stijging van fietsongevallen, vooral onder jongeren en ouderen. Van de fietsers die na een ongeval op de Spoedeisende Hulp belanden, heeft 20% hersenletsel, soms langdurig of zelfs blijvend.
Koornneef: "Fietsen levert gezondheidswinst op, maar ongevallen doen daar afbreuk aan en moeten zoveel mogelijk worden voorkomen."
De opkomst van e-bikes maakt dat probleem nog complexer. Koornneef: “Het aantal kilometers op e-bikes is in 10 jaar tijd gestegen van 6% naar 40%. Onder jongeren tussen de 12 en 17 is het aandeel tussen 2019 en 2022 zelfs verdrievoudigd. Dat betekent minder inspanning én meer risico.” Daarom pleit het Expertpanel voor een minimumleeftijd van 16 jaar voor e-bikes. Het Expertpanel noemt de onlangs aangekondigde helmplicht voor e-bikers onder de 18 een nuttige stap. Tegelijkertijd benadrukken zij dat ook oudere e-bikers baat hebben bij een helm. En dat er breder maatregelen nodig zijn om het aantal fietsongevallen fors terug te dringen. Koornneef en Backx: "Hoewel de e-bike voor kinderen en tieners de gezondheidswinst van fietsen ondermijnt, kan voor ouderen en forenzen de e-bike juist een zegen zijn: mensen fietsen daarmee verder, vaker en laten de auto er voor staan."
Sleutelrol voor gemeentes
Wat kan er concreet gebeuren? Koornneef: “Veilige fietspaden, 30 km-zones in steden, en een inrichting van de openbare ruimte waardoor kinderen vanaf 8 jaar zelfstandig naar school kunnen fietsen. Dat soort maatregelen maken structureel verschil.” Hij wijst ook op de noodzaak van cultuurverandering: “We zien dat kinderen van de achterbank meteen de bakfiets in gaan, en daarna al heel snel op een e-bike zitten. Daarmee slaan ze een fase over waarin ze zelf leren fietsen en bewegen. Terwijl dat juist essentieel is.”
Gemeentes hebben een sleutelrol omdat zij direct de leefomgeving beïnvloeden. Daarmee kunnen ze letterlijk bepalen of fietsen een vanzelfsprekende dagelijkse beweging wordt, of juist niet.
Oproep
Tot slot hebben Backx en Koornneef een duidelijke oproep aan beleidsmakers en partners van de Beweegalliantie:
- Neem fietsen expliciet op in beloningssystemen.
- Zorg dat nauwkeurige gegevens over fietsgebruik (vooral over e-bike-gebruik) structureel worden verzameld en gedeeld.
- Investeer in veilige fietspaden, lagere maximumsnelheden – niet alleen in de bebouwde kom – en een gezonde fietscultuur, zeker onder jongeren.
Backx vat het kernachtig samen: "Fietsen als geneesmiddel, die gedachte moeten we eindelijk serieus nemen. Als Nederland ergens voorloper in kan zijn, dan is het dit!"
Bonus
Klik hier voor een overzicht van 10 effectieve strategieën voor gemeenten om fietsen te stimuleren en hier voor een 10 praktische en gedragsgerichte tips voor individuen om sneller, vaker en gemakkelijker de fiets te pakken.
Voor jou geselecteerd:
Lees verder Monitoring en evaluatie: wat levert jouw werk eigenlijk op?
Lees verder Maak kennis met de kopman van het Beweegpeloton: Gerben van Duin